Bizarre manier van denken of spreken : kan zowel qua inhoud als qua vorm zijn. Bvb. moeilijk ‘to the point’ kunnen komen of ideosyncratische/zelfbedachte woorden gebruiken. Cliënt is moeilijk te volgen/te begrijpen tijdens een gesprek.
Hoe bevragen : Door observatie tijdens het gesprek. Door te bevragen bij cliënt/omgeving.
Relevante
vragen : “Heb je moeilijkheden met je spraak
opgemerkt of met je mogelijkheden om met anderen te
communiceren?”
Ongepaste gevoelsuiting : De emoties en het emotionele gedrag sluiten niet aan bij de situatie. Bvb op een ongepast moment grapjes maken, zonder gène of met grote onverschilligheid spreken over het eigen intieme liefdesleven. Ook geladen affect (vol opgekropte woede) zonder klaarblijkelijke aanwijzing kan voorkomen.
Hoe bevragen : door observatie tijdens het gesprek. Via informatie verkregen van verwijzer/omgeving (en cliënt).